Nasrdin Dchar is een Marokkaan. Hij zegt het zelf, al stokt zijn stem telkens als hij die zin uitspreekt. Hij staat alleen op het podium, tussen drie rijen stoelen, onder een dozijn kale peertjes. Het is een wachtruimte van een vliegveld waar hij de tijd doodt tot zijn vertraagde vlucht naar Marokko.
Gekleed in een roodgeruite bloes, een spijkerbroek en afgetrapte Allstars omklemt Dchar hartstochtelijk een zwarte rugtas, alsof hij zijn leven in deze plunjezak meetorst. Struinend over het toneel, of zittend op een van de stoelen, vertelt hij zijn verhaal.
‘Komt een vrouw bij de dokter…’ begint hij. De bekende zin werkt direct op de lachspieren, maar de grap die volgt, slaat onmiddellijk dood. Dchar doet het met opzet, blijkt later. Net als dat hij andere clichés – over Nederlanders, Marokkanen, jongen mannen en oude mensen – terloops laat vallen. Grapjes die al vaker zijn gemaakt, zoals het half Nederlandse-half Marokkaanse telefoongesprek dat hij met zijn vader voert of de zak zonnepitten die hij uit zijn tas haalt.
Maar Dchars clichés zijn niet vervelend. Hij vertelt eerlijk, ontwapenend, tragikomisch zijn levensverhaal en de reden waarom hij naar Marokko gaat. Drie belangrijke figuren uit zijn familie komen tot leven in zijn kleurrijke relaas: zijn vader, zijn opa en zijn moeder. ‘Mijn ouders zijn echte Marokkanen al wonen ze hier al 40 jaar. Mijn moeder zegt altijd, je mag niet vergeten waar je wortels liggen.’ Met een beschrijving van een wandeling met zijn opa door diens geboortedorp in Marokko neemt Dchar zijn toeschouwers mee naar de drukke Marokkaanse markt, de geuren, kleuren en de hitte van de zon.
Dchars solo vermijdt de valkuil van een sentimenteel egodocument. Zijn stem is ontroerend als hij een liedje van zijn moeder zingt, maar het blijft luchtig. Nergens gaat hij schmieren. Hij transformeert moeiteloos tussen zichzelf, zijn familieleden en een douanier. Of tussen zijn Marokkaanse en Nederlandse achtergrond. Het woord voor knoflook in het Arabisch was hij vergeten. Een Nederlands liedje helpt hem eraan herinneren.
Als acteur timmert Dchar al een aantal jaar aan de weg. Behalve in tv-series als Shouf Shouf en Deadline stond hij onlangs nog in een rol in het gevierde Branden van het Rotheater. Maar als maker bij theatercollectief Likeminds lijkt hij nog beter op zijn plaats. HiDe Zijn tekst is scherp en uitgebalanceerd, zijn spel naturel. Met een onverwachtse wending aan het einde van het uurtje lunchtheater stuurt hij het publiek met een brok in de keel naar huis. Maar het is vrolijke ontroering. Vrolijk genoeg om de rest van de middag door te brengen in zoete melancholie.
Bellevue Lunchvoorstelling, gezien: 5-3-10, aldaar t/m 14 mrt. 12.30-13.30